Eind februari 2026 trokken we naar de Kallissestraat in Beveren voor een opleiding over het beheer van houtkanten. Medewerkers van de groendiensten van Sint-Gillis-Waas, Stekene en Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht volgden een demomoment over hoe je houtkanten duurzaam beheert. Achteraf vuurden we enkele vragen af op projectleiders Gillis en Sanne. Want achter die praktische demonstratie schuilt een veel groter verhaal.
Promotor: Regionaal Landschap Schelde-Durme
Copromotor: Bos+ Vlaanderen
Gebied: LEADER WAASLAND
Locatie: Sint-Gillis-Waas, Stekene, Beveren
Subsidiebedrag: €84.832,43
Looptijd: 15 mei 2024 - 30 juni 2026
Thema: Landschap
Soort project: Regulier project

Gillis: We zien de houtkanten in Vlaanderen overal achteruit gaan. Hier zijn meerdere oorzaken voor: onvoldoende kennis en beheer, schaalvergroting in de landbouw en complexe regelgeving. Terwijl houtkanten vroeger een duidelijke functie hadden – brandhout, perceelsafbakening of windbescherming – worden ze vandaag soms als last gezien. En dat is zonde, want houtkanten zijn een absolute meerwaarde, zowel voor de landbouw als voor het landschap.
Zo zijn er landbouwbedrijven in het Waasland die de houtsnippers gebruiken voor boerderijcompostering en/of bodemverbetering. In de Vlaamse Ardennen helpen houtkanten erosie tegen te gaan en op verschillende locaties in België worden voederhagen aangeplant voor een gezondere kudde. Bovendien kan een lange houtkant in een open landschap even waardevol zijn als een bos. Het is een ecosysteem op zich, vol nachtvlinders en andere insecten, noodzakelijk als zangpost voor akkervogels of als wegwijzers in het landschap voor vele vleermuissoorten.
Sanne: We zagen dit LEADER project dan ook als een kans om een “injectie aan aandacht en focus” op houtkanten te geven, en dat bij gemeenten, landbouwers en inwoners.
Gillis: Er zijn nieuwe houtkanten bijgekomen en ook verbindingen gemaakt tussen bestaande houtkanten. Daar bovenop brengt dit project de diversiteit en meerwaarde van houtkanten meer in de aandacht, zowel bij de gemeenten als bij de beheerders.
Kijk bijvoorbeeld naar deze opleiding beheer houtkanten, waarop de groendiensten van Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht, Stekene en Sint-Gillis-Waas aanwezig waren. Het is zo belangrijk om mensen op het terrein te hebben die kennis hebben van houtkanten en begrijpen waarom goed beheer waardevol is. Opleidingen zoals deze hebben dan ook een blijvende impact.
Sanne: Veel gemeenten kijken nu anders naar houtkanten. Ze zien sneller waar de gaten zitten in het landschap, en brengen ons in contact met landbouwers en andere terreineigenaars om de mogelijkheden na te gaan. Dat persoonlijk contact is goud waard. Het project zet gemeenten ook aan het denken over de toekomst van beheerresten. Vandaag kosten die geld om af te voeren, terwijl ze eigenlijk een waardevolle grondstof zijn. Dankzij veranderende regelgeving hierrond, biedt dit project kansen om deze economische waarde – al dan niet samen met andere gemeenten – in de toekomst te verzilveren.


Gillis: Wanneer we praten over het belang van houtkanten merken we dat mensen niet altijd op de hoogte zijn van de ecologische meerwaarde.
Ze wandelen er langs en genieten vb. van de verkoeling er van in de zomer, maar hebben zelfs nog nooit gehoord van het woord houtkant.
Ook zijn ze er zich vaak niet bewust van dat deze groene verbindingen zo waardevol zijn in ons versnipperd landschap.
Sanne: Er zijn echt nog veel quick wins, veel gemeentegronden waar het niet logisch is dat er nog geen bomen staan. Je zou denken, het laaghangend fruit is al lang geplukt, maar dat is eigenlijk niet waar. Als je met de juiste mensen rond de tafel gaat zitten, komen er altijd nieuwe kansen naar boven. Zo hebben we in Stekene bijvoorbeeld 15 nieuwe houtkanten geplant, dat is wel indrukwekkend. Elke gemeente kan zo'n LEADER project gebruiken denk ik. ;-)
Gillis: Ik zou de gemeenten aanraden om meer in te zetten op dat groen en de inwoners wijzen op het belang er van. Het is jammer dat er vaak geweken wordt voor de opinie van omwonenden, terwijl het wel om gemeentegronden gaat. Het is aan de gemeente om de ecologische waarde van dergelijke aanplanten mee te verdedigen en vooral - er mee door te gaan.


Sanne: Ik ben heel benieuwd naar hoe het verder zal lopen met de aanplanten. We hebben op bepaalde locaties een beetje geëxperimenteerd. Bijvoorbeeld in Stekene, in het natuurgebied De Witte Bergen, zijn er speciale groeiomstandigheden, namelijk zure naaldbossen en droge zandgrond. Daar hebben we veel bomen en struiken geplant en gekozen om geen bescherming tegen vraat (van vb. reeën) te zetten. Op die manier willen we nagaan: als een lijsterbes tot op de grond wordt afgevreten, komt die nog terug of niet? We doen dat omdat Stekene in de toekomst daar nog meer wil planten - en zo is dit een leertraject.
Ook de ontdekte historische houtkanten in Beveren hopen we te kunnen bewaren. Daar zijn veel oude, waardevolle, mooie bomen waar misschien meer aandacht voor kan komen, vb. via trage wegen. Dus het denkwerk van dit project wordt hopelijk ook echt voortgezet, door landbouwers en door gemeenten.
Gillis: Zowel de landbouw als de groene sector moeten rendabel zijn om verder te kunnen. Het is net heel waardevol dat LEADER die economische druk een beetje kan opheffen en zo ruimte geeft om te kijken naar nieuwe mogelijkheden. Zonder die financiële injectie van LEADER zouden de mogelijkheden voor innovatieve landbouw, samenwerking in het platteland en de richting waarin het kan gaan enorm vernauwen. LEADER biedt ook mooie kansen om de synergie tussen landbouw en natuur te verhogen en de polarisering te verminderen.
Sanne: Samenwerking is een belangrijk principe binnen LEADER en wat dit project betreft ook een absolute meerwaarde: Bos+ heeft bijvoorbeeld veel kennis rond landschapsecologie, Vlaamse wetgeving en vergunningen. RLSD heeft dan weer zoveel lokale kennis, vb. waar lopen de waardevolle beken, welke bossen zijn van wie, hoe zit het met de trage wegen. De combinatie van die twee, die samenwerking, betekent een echte troef. En voor dit project specifiek geldt dat dankzij LEADER twee vakidioten zich twee jaar lang konden vastbijten in houtkanten. Dat maakt echt een verschil.

Sanne: Je hebt best een overzicht van wat er al leeft in de regio, welke verschillende doelgroepen er zijn en hoe je zelf nog kan bijdragen. De LAG (Lokale Actiegroep) zal jou kritische vragen stellen: is het nuttig voor de streek, is het innovatief? Het is belangrijk dat je hierover zelf goed nadenkt.
Gillis: Zorg dat je een goed plan hebt, met tegelijk voldoende openheid om te kunnen inspelen op nieuwe kansen die zich aanbieden tijdens het project. En ik zou ook zeggen: durf dromen, durf geloven dat je idee waardevol genoeg is om er voor te gaan.
Interview afgenomen op 27 februari 2026.
Het project "Wase houtkanten" werkt aan meer en betere houtkanten in de open ruimte door lokale besturen en actoren te engageren en te activeren. Bestaande houtkanten worden in kaart gebracht en een gepast beheer uitgestippeld, verdwenen houtkanten hersteld en nieuwe aangeplant.
Over hoe je van inheemse kruiden lekkere thee maakt, en hiervoor ook de sociale economie inschakelt.
Hoe een ontmoetingsplek met bessentuin zorgt voor een vlottere terugkeer naar de arbeidsmarkt na een burn-out.
Ontdek hoe private boseigenaren ondersteuning krijgen bij het klimaatbestendig maken van hun bos.
Dit project zet een duo-burger in de markt van deels vlees en deels peulvruchten. Hoe zit dit project ineen en vooral: wordt de burger gesmaakt?
Hoe een lokaal initiatief gezonde voeding en sociale samenhang stimuleert in Kruibeke.
De inwoners van Zaffelare (Lochristi) werken samen toe naar een nieuwe jaarlijkse traditie.
© Provincie Oost-Vlaanderen